foto cmc

Blog evangelist

René Strengholt 10 - 11 - 2016

Missionair: geen output zonder input

In mijn vorige blog kwam ik uit op het punt dat ‘missionair’ niet iets is wat voorbehouden is aan een stelletje enthousiastelingen of een paar ambtsdragers. Iedereen die bij Jezus hoort is ‘gezonden’ in zijn of haar dagelijkse leefomgeving. Als we dit serieus nemen kan onze impuls zijn om je dan op allerlei manieren te gaan inzetten of om te proberen vaak een ingang te zoeken voor een gesprek over het geloof. Of om altijd vriendelijk en behulpzaam te zijn. Niets mis mee, maar voor je het weet ben je het zelf die goed je best moet doen en wordt het jouw eigen project. Dan wordt het al snel moeilijk en vermoeiend. En vergeten we dat ‘missionair’ iets is wat God door jou heen wil doen. Het missionair zijn is, zou je kunnen zeggen, de output van je leven: wat gaat er van je uit, wat zien mensen als ze naar jouw leven kijken? Als je dat op eigen kracht doet, kan je de neiging hebben jezelf op te poetsen. Het punt dat ik in dit stukje wil maken is dat output niet kan zonder input. En dat we dat als drukke, doenerige mensen, die zoveel ‘moeten’, makkelijk vergeten. 

Jezus maakt dit inzichtelijk met heel duidelijke beelden. Neem nou Johannes 7, vers 37 en 38: “Laat wie dorst heeft bij mij komen en drinken! Rivieren van levend water zullen stromen uit het hart van wie in mij gelooft”. Of Johannes 15, vers 5: “Als iemand in mij blijft en ik in hem, zal hij veel vrucht dragen. Zonder mij kun je niets doen”. De output in ons leven kan niet zonder input. Maar ook: de input kan niet zonder output blijven. Jezus brengt het terug tot één ding: liefde. God liefhebben boven alles, met alles wat in je is, en je naaste als jezelf. Het is beide, beide hebben ze elkaar nodig, en beide komen ze voort uit dezelfde bron: Gods liefde voor ons. Hij komt met zijn liefde ons leven binnen en zegt: je bent geliefd. We zijn geliefd door onze Schepper, niet omdat wij zulke geweldige mensen zijn, niet omdat er altijd zoveel van ons uit gaat, niet omdat wij nooit falen. We zijn geliefd op basis van wat Jezus voor ons gedaan heeft, onverdiend. Dit is het unieke van het christelijk geloof: God geeft zich eerst aan ons, voordat wij ons aan Hem geven. Het laatste is vrucht van het eerste. Wij hoeven ons leven niet op te poetsen, niet voor God en niet voor mensen om ons heen. Hij poetst ons leven schoon. Als een vuile spiegel die Hij schoon maakt zodat we zijn licht weer kunnen weerspiegelen. Elke dag hebben we deze schoonmaakactie van Hem nodig, deze dagelijkse input. Anders stokt de output.

Als missionair ergens begint, dan hier: bij het dagelijks ontvangen van Gods onmetelijke en onverdiende liefde voor ons, zodat zijn liefde een bron wordt die overstroomt naar mensen om ons heen. Dan wordt ‘je naaste liefhebben zoals jezelf’ tot ‘je naaste liefhebben zoals je zelf geliefd bent’. Dit niet zweverig, maar een basishouding in ons leven van elke dag op alle terreinen van ons leven. Daar wordt het concreet. De vraag of we ruimte en tijd hebben om Gods input te ontvangen, speelt in ons gewone, volle leven met als z’n eisen en verwachtingen. De vraag ‘waar vullen we ons mee?’ staat niet los van alles wat op ons afkomt en wat we toelaten via allerhande media. Wat onze output is heeft alles te maken met welke input we toelaten en waar we onze tijd mee vullen. Op elk terrein waar we ons begeven, of het nou thuis is, op ons werk, op school, op de sportclub, is het de vraag of we God in dit stukje van ons leven toelaten en open staan voor hoe Hij ons wil gebruiken. Weerspiegelen we in onze manier van leven vooral onze eigen behoeften, onzekerheid, ambities, frustraties, verlangens, of weerspiegelen we onze Schepper en zijn verlangen voor ons en voor onze wereld? Ik stel deze vragen niet om er druk op te leggen, maar juist om de druk er af te halen en te wijzen op de Bron waar we elke dag, elk moment, input uit mogen ontvangen.